Denk je aan Utrecht, dan denk je aan de Domtoren.

mei 2018

Denk je aan Utrecht, dan denk je aan de Domtoren.

Jan van Zanen

En voor veel Utrechters geldt, zie je de Dom, dan denk je aan thuis. Vroeger, als we als gezin na de vakantie vanuit het buitenland weer richting huis reden, deden we vaak het spelletje ‘wie-o-wie ziet als eerste de Domtoren?’. Vanuit welke windstreek we ook kwamen, we keken uit naar die prachtige toren. Het stadsgezicht. En als we ‘m zagen wisten we zeker dat we er bijna waren. Thuis. Begrijp inmiddels dat velen dit spelletje spelen en ook het gevoel van ‘thuis komen’ herkennen. 

Natuurlijk, er zijn ook andere torens in de wereld. In Parijs. In Pisa. Maar hoeveel steden hebben een bouwwerk dat de hoofdrol speelt in het (officieuze) volkslied van de stad? ‘Als ik boven op de Dom kom’ is een vast onderdeel van de gemeentelijke Nieuwjaarsbijeenkomst. En iedereen zingt uit volle borst mee. Want waar in Utrecht je ook woont, wie je ook bent: volgens mij kan iedereen wel een paar regels meezingen. Dat zegt genoeg. 

De domtoren is er altijd. In voor- en tegenspoed. De toren biedt ons troost als we slachtoffers gedenken van een aanslag ergens in de wereld. Het luiden van de klokken brengt ons dan samen in onze gedachten. Op vrolijke hoogtijdagen wapperen de vlaggen in de top of verschiet de toren zelfs van kleur. Op koningsdag bijvoorbeeld, of toen de Tour de France onze stad bezocht. Het beeld van al die renners die onder de Domtoren door reden, vergeet ik nooit meer. 

De domtoren is een icoon. Denk je aan Utrecht, dan denk je aan de Domtoren. En dat is iets dat we koesteren en waar we tegelijkertijd zuinig op zijn.
 

Sinds 1 januari 2014 is Jan van Zanen de 330e burgemeester van Domstad Utrecht en sinds 3 juni 2015 voorzitter van de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG).